Inleiding
Vandaag hebben we het hondje op de kop af twee weken in huis en Casa Repel staat op stelten. Het is mijn eerste hondje, dus voor mij is alles nieuw.
Voor ik met mijn verhaal begin: jullie vroegen me de oren van mijn kop, dus voor ik begin de laatste sitrap:
Laten we beginnen met de poezels. Hoe ervaren de poezebeesten Fletcher?
Sherlock is, sinds Fletcher er is, twee keer zo groot geworden; hij loopt volcontinu met een hoge rug en alle haren overeind. Zijn humongeous pluimstaart is ook twee keer zo groot. Hij is prachtig, sinds Fletcher er is. Ondertussen gaat hij geen centimeter uit de weg. Hey, ze blijven Maine Coons, het zijn geen watjes!
Watson ziet groot potentieel in Fletcher. Het is dat ze nog net een beetje te ontstuimig is, maar er zit zeker weten potentie in. Watson is ook al een keer meegeweest met het #rondjemethethondje. En neusje-neusje doen ze vaak. Oh boy oh boy, dat gaat nog wat worden met die twee.
Miss Marple is nul veranderd sinds Fletcher er is. Ik dacht nog even dat ze in total denial was, maar het boeit haar gewoon nul. “So what, dan loopt er nog iets rond: als ik Watson en Draakje kan handelen, moet dit een eitje wezen.” De eerste tik-op-neus is ook al een feit. Fletcher loopt richting 8 kilo, maar 2,8 kg aan elegant Miss Marple is iedereen de baas.
De Daltons vraagt u? Hoe ervaren de Daltons het?
Spelmaker had een paar dagen nodig, maar hij heeft het hondje goed onder controle in de zin van baasje zijnde. Echt bijzonder voor een jongeman van op een haar na 10. Daarbij zijn ze nu al zoooooo enorm verknocht aan elkaar. Dit was wat we voor ogen hadden: samen opgroeien. Ik moet regelmatig even een traantje wegslikken.
Met de andere twee Daltons is het nog even lastig: ze is (correctie: ze zijn) vreselijk wild en enthousiast (“S.P.E.L.E.N.!!!!!”) en dat gaat gepaard met happen en knabbelen en in sokken bijten en springen. Door alle drie, zou ik bijna zeggen. En Wijzemans en Draakje reageren totaal anti-honds en Fletcher reageert totaal anti-mens. We werken er elke seconde aan, zeg maar. En toch vinden ze het leuk, alledrie, ondanks dat ze alle drie regelmatig teleurgesteld de hoek in zijn gestuurd. En ondanks dat de mensenkinderen een traan moesten laten omdat het hondje te wild was. De verbetering op dat vlak gaat traag, heel traag, maar gestaag.
En ik? Hoe ervaar ik het hondje?
Ons huis staat op zijn kop. Er staat een grote bench in de woonkamer en er staan voerbakken voor een hond in en overal liggen hondenspeeltjes en botten en zo. Het ruikt er zelfs naar hond. Mijn huis ruikt naar hond, djiez! De Repel moet even aan haar nieuwe huis wennen.
De Bevelvoerder vertrok voor drie dagen naar Eurodisney met Wijzemans toen we haar koud een dag hadden, dus 3 dagen lang was ik het alpha-vrouwtje voor een wezen waar ik geen ervaring mee had.
We zijn twee weken verder…en ik kan lezen en schrijven met haar en ik ben nog steeds het alpha-vrouwtje. Ik weet ook dat we, ondanks dat we geen problemen hebben, toch op cursus gaan met haar. Want ze heeft een bovenmatige portie aan Drentsche patrijzeneigenschap in haar: Eigenwijsheid
.
Daarbij ik wil leren hoe ik haar kan opvoeden zodat ze veilig mee kan draven met me.
Maar man oh man oh man, ik wist niet hoe dol je kan zijn op een hondje. Wat zijn hondjes zoveel leuker dan ik altijd al dacht.
Ik ben namelijk niet exclusief een kattenmens, ik heb gewoon nog nooit een hondje gehad. Ik ben beide. Correctie, ik ben alles: ik ben meer een dierenmens dan een mensenmens.
Maar, van alles wat ik wel of niet had verwacht, ben ik het meest verbaasd over….het uitlaten!
En dan nu eindelijk de point van dit logje
Daar loop je dan, elk uur als ze niet slaapt (pokkezindelijkheidstraining).
En ik heb ze mijn hele leven al wel zien lopen hoor, die hondenbezitters met hun honden, maar ik heb nooit interactie met ze gehad. Ze waren er gewoon. We bewogen ons in parallelle werelden. Ik fietste langs, of ik draafde langs hopende dat die mormels niet naar mij zouden happen. Of ik reed met de wielen van de wandelwagen door hun kak.
Nu ben ik in die parallelle wereld getreden. Fletcher heeft geleerd dat andere honden bij dit leven horen en dat dat bereleuk is. En terwijl Fletcher snuffelt en doet met die andere honden, heeft mijn opvoeding mij geleerd dat het beleefd is te babbelen met de persoon aan de andere kant van de andere lijn terwijl de hondjes snuffelen en doen.
Kortom: ik lul wat af bij elk rondje wat ik doe.
Het stomme is dat ik me iedere keer opnieuw voorstel: ik weet nog steeds niet wie ik al wel of niet heb gezien. Ik ben nieuw in mijn nieuwe kennissenkring. Zij kennen mij natuurlijk wel: ik ben gewoon een nieuweling in een kliek.
Ik ben wel volslagen geaccepteerd. En terwijl de hondjes snuffelen en doen aan elkaar, doen de baasjes en ik dat ook aan elkaar, op de mensenmanier dan. Zonder letterlijk snuffelen, zeg maar.
“Sorry, ik ben nog een beetje onwennig met het in de war raken van de riemen, komt goed”
“Sorry, ik weet niet zo goed of ik moet ingrijpen als ze bovenop de kop van uw Bouvier van 40 kg springt, het is mijn eerste hondje.”
“Zag ik je zoon al eerder met deze pup lopen vandaag?”
Ik heb er gewoon een hele nieuwe kennissenkring bij. Ik wist niet dat uitlaten van een hondje zo leuk was! Da’s een bonus bij het hebben van een hondje die ik niet had zien aankomen. Het rare is alleen dat als ik dat tegen mijn nieuwe kennissen zeg, met name tegen de kennissen van wie de hondjes meer klikken dan gemiddeld (jaja, dat verschil ken ik inmiddels ook), zij verbaasd kijken: ja, inderdaad, zo is het inderdaad….het is een andere kennissenkring.
Gek he? Ben ik nou zo raar?










