Op de voetbalclub, subtitel: verrassende ontmoetingen en inzichten

Nu mijn leven weer langzaam op orde dreigt te raken, pik ik ook mijn kantinediensten bij de voetbalvereniging weer op. Sterker nog: ik ga ook de planning van die diensten weer oppikken. Ik ben weer zover. Weer zover op orde en weer zover in mijn leven.

Die voetbalvereniging waar wij zitten voldoet in weinig aan de cliché’s die horen bij een voetbalvereniging. En zelfs als het dat zou hebben gedaan, zou ik graag kantinediensten hebben gedraaid, want ik houd sinds ik een kleutertje was nog steeds onverminderd van “winkeltje spelen”, maar voor deze vereniging doe ik het dubbel zo graag.

Ik houd van contact met mensen, van interactie. Met veel verschillende mensen, Ik houd van verhalen en types die ik niet ken. Ik houd van kinderen. Dat er zo’n kleintje aan de bar komt en schuchter iets bestelt, een fristy of een zakje chips, of zo, en dat je het muntje van zo’n koter aanneemt en vraagt hoeveel wisselgeld ze dan krijgen. En als ze dan het goede bedrag noemen, je ze extra bij het wisselgeld zo’n 5 cent snoepje van de balie geeft met de woorden “een “wisselgeldsnoepje voor het goede antwoord”. En dan die blik in hun ogen.

Dat dus. Win-Win behalve de kassa die 5 cent misloopt.

Maar goed, zo blij ben ik daar dus. Anyway, vandaag stond ik met iemand die niet bij de vaste crew hoort, maar met een ouder die aangeleverd is door een team omdat elk team eens in de ugh tijd een ouder moet aanleveren. De man is humor technisch gezien totaal mijn type, dat merk ik meteen en we hebben al direct de grootste lol om futiliteiten. Maar op een moment geeft hij ergens een mening over. Hij begint een relaas, bijna een monoloog. De eerste 5 stappen ben ik het totaal met hem eens want zo zie ik het ook, maar al snel merk ik dat hij verder heeft nagedacht over het thema. En dat…..gebeurt me niet vaak.

We hadden het over dit: Op zaterdag als de jeugd speelt wordt er pas later dan normaal/wettelijk gezien mag, alcohol geschonken. Gewoon, omdat de jeugd speelt. We hebben het erover en ook over het doortrekken naar frikadellen verkopen om half 10 ’s ochtends aan kinderen en het rookverbod tot in het belachelijke. We hebben het over de subjectieve selectiviteit van regels.

Hij:

We maken steeds meer regeltjes omdat we elkaar niet meer durven aan te spreken op gedrag. Bij de tennisvereniging waar ik zit werden ooit regels ingevoerd voor leden. Prima, prima regels an sich. Maar toen werden er regels ingevoerd voor ouders en toen voor vrijwilligers en toen voor bezoekers aan de club.
Op zich stonden er echt geen rare dingen in de regels, maar er werden meer en meer regels ingevoerd tot op het belachelijke. Tot over de grens. Zonder dat de aard van de regels niet klopte.

Dit komt omdat we elkaar niet durven aan te spreken op normaal gedrag.

Maar nu bereiken we niet ons doel. Nu bereiken we dat we niemand meer kunnen aanspreken op gedrag.
“Oh ja, ik nergens staan dat dat niet mag! Huh! Rot op!”

Ik keek hem aan en kon alleen maar beamend knikken.
Kantinediensten bij onze voetbalvereniging zijn leuk!