Facebook vraagt me wat ik aan het doen ben

Wat ben ik aan het doen vraagt Facebook?

Ik heb gewoon een gesprek met mijn 9 jarige over het bestaan van dampkringen van planeten, voorwaarden dat er leven op planeten is, over zwarte gaten, en extra dimensies in relatie tot zwarte gaten. Over het uitdijende heelal en het begrip oneindig.

En hij weet meer dan ik.

Wat mij het meest aangrijpt is zijn gemak in het omarmen van het bestaan van begrippen als oneindig en meer dimensies die zijn 9 jarige lijfje van nog geen 1meter40 aan zou moeten kunnen, hier op dit kleine planeetje ergens draaiend om een nietig sterretje in een nietig melkwegje in het heelal. En dat hij me verrukt aankijkt omdat hij het omvat. Hij ziet kansen in het bestaan van zwarte gaten.

Hij kreeg een onvoldoende voor rekenen van de juf omdat hij de helft niet had ingevuld. Na 3 van de 9 rijtjes in de orde grootte “3+3= ” was hij het zat.

Dat ben ik aan het doen Facebook.

Soms de meest dankbare taak

Deze moederdag ging ik naar de supermarkt met Draakje, wetende dat Wijzemans aan het buiten spelen was met een vriendje. Hij was met de fiets en ik had hem verteld dat ik even weg was en dat er een kans was dat ik er nog niet zou zijn als hij thuis kwam, maar dat Spelmaker er ook nog was.

Ik begin hem langzaam wat los te laten. Zoveel als ik durf. Ik ben het meest beschermend naar hem. Instinctief weet ik dat dat nodig is. Van de drie loopt hij de minste kans om  fysieke builen en wonden op te lopen, maar hij is wel degene die emotioneel het meest kwetsbaar is.

Dus, hij was weg met een vriendje en ik liep in de supermarkt. En terwijl ik Draakje zoveel mogelijk in het gareel probeer te houden, gaat de telefoon. Anonieme oproep. Ik neem op met “met mama” en ik hoor een Wijzemans huilend en gillend en compleet overstuur en over de rooie proberen zijn verhaal te doen. En ik versta er geen woord van. Ik probeer hem zo lief mogelijk te kalmeren om te zorgen dat ik hem ga verstaan. Andere mensen kijken naar me, maar het kan me niet schelen. Ik probeer wanhopig zo kalm en geruststellend over te komen als ik kan,  maar inwendig ben ik in paniek: hij is afschuwelijk gewond, er is iets heel ergs gebeurd, de hond is dood, mijn oudste is dood, hij heeft onder een auto gelegen, zijn vriendje is door het glas gevallen en bloedt dood, de Wii controler is door de tv gegaan, de kamer staat blank onder 10 centimeter water….als ik nu naar huis race, ben ik er over 5 minuten maar dan is iedereen al verdronken of is het huis al tot de grond afgefikt.

Op het moment dat hij eindelijk verstaanbaar kan vertellen wat De Erge Gebeurtenis is, moet ik opgelucht en ontroerd glimlachen:
Hij is de Minecraft sleutelhanger van zijn grote sleutelhanger-bos verloren. En hij had hem net gisteren van zijn vader gekregen. Ze hadden de volledige weg terug nog eens nagelopen maar hij was ècht ècht kwijt. Hij was niet verdrietig, hij was kapot van verdriet. Ik kon naar mijn mening als moeder maar een ding doen. Midden in de Albert Heijn.

In tijden als deze is moeder zijn de meest dankbare taak die er is. Ik zei hem dat er geen probleem was. We gaan morgen gewoon een nieuwe Minecraft sleutelhanger kopen. Dat een sleutelhanger vervangbaar is, dat het alleen maar geld is en dat we geld genoeg hebben om een nieuwe te kopen. Dat hijzelf niet vervangbaar is en dat het feit dat hij okay is het meest belangrijke is. Ik zei hem dat ik was geschrokken toen hij zo overstuur belde en dat ik zo opgelucht ben dat hij okay is. En dat ik ook snapte hoe belangrijk die sleutelhanger voor hem was. Dus kopen we morgen gewoon een nieuwe.

Ik had kunnen zeggen dat hij beter op zijn spullen moet letten. Maar dat deed ik niet. Je zou kunnen zeggen dat ik hem verwen. Ja, dat doe ik, ik verwen hem zonder een verwend nest van hem te maken. Ik wil dat mijn kinderen zich speciaal en veilig voelen. Ik geef ze alles wat binnen mijn mogelijkheden ligt terwijl ik ze ook de waarde van kleine en grote dingen probeer bij te brengen. Ze weten dat we veel hebben en ze weten dat we relatief rijk zijn. Don’t take it for granted. Ik leer ze te delen en dat doen ze. Wees dankbaar voor wat je hebt en deel.

Toen ik thuis kwam zei ik hem dat ik zo blij was dat hij me had gebeld toen hij zo overstuur was. En of hij dat alsjeblieft alsjeblieft alsjeblieft altijd wil blijven doen.

Deze moederdag was ik in staat alles goed te maken. Met een knip van mijn vingers maakte ik als een Super Mom alles beter. Er zijn zat Erge Gebeurtenissen geweest in de moeilijke jaren die achter ons liggen waar ik dat niet kon. De Erge Gebeurtenis van vandaag was het beste moederdagkado dat ik me kon wensen.

Hoogbegaafde keersommen: By George he’s got it!

Keersommen (in mijn tijd nog “tafels”) en hoogbegaafden zijn olie en water.
Wacht.
Olie en water mengen niet.
Nieuwe metafoor.
*peinst*
Keersommen en hoogbegaafden zijn 2 magnetische noordpolen.
Ja, beter.
En als dat te nerderig klinkt:
Keersommen en hoogbegaafden zijn twee magneetjes die je op de verkeerde manier tegen elkaar probeert te houden; geen klik maar een onafwendbare, niet oplosbare afkeer.
Beide magneetjes vliegen uit je handen op de grond.
Magneetjes kunnen niet kapot vallen.
Kinderen wel.
Al dan niet zichtbaar, en het “al dan niet” is de crux in deze.
Je kind vliegt uit je handen in de jank en onzekerheid en onbegrip.
Je moet de andere pool van de magneet die je kind heet zien te vinden.
Als je die hebt, BAM! Zijn hij en keersommen best friends forever.

Een hoogbegaafd kind kan niet automatiseren zoals wij stervelingen dat kunnen.
Wij stervelingen hebben geleerd dat uit je hoofd leren makkelijker is dan rekenen.
En dat is wat een hoogbegaafde nu juist niet snapt #kortsluiting.
Een hoogbegaafd kind rekent liever elke keer opnieuw alle sommen uit.

Razend snel, want daar zijn ze hoogbegaafd voor.
Keersommen leren is voor ons stampen,
voor een hoogbegaafde is het een training snelrekenen.

Groep 6, Wijzemans snapt wat oneindig is.
Kan Engels spreken in diverse dialecten.
Maar 3×6 is hel voor hem.

Ik (boos, overhorend): je probeert het niet eens!
Hij (paniekerend): eeeeh 23 eeeeh 28? eeeeh 35?

Ik 15 minuten schaam (!)-pauze later:

(Ik weet het ineens)
Ik: (met mijn handen met mijn vingers gespreid om mijn hoofd):
Doe de deur dicht naar het kamertje waar je rekent, en doe het kamertje dicht waar je bezig bent met minecraft, en al die andere kamers, doe ze dicht en zet alleen de kamer voor je geheugen open waar je 3×6 heb je geleerd, die ga je halen uit die kamer, niet uit een andere.

Het kind heeft het te pakken.

Bij het naar bed gaan
Hij: “mag ik de andere kamers weer aanzetten?”
Was dan best wel weer een “Ik doe ook maar wat” Momentje.

Vandaag leerde hij de tafel van 23 uit zijn hoofd.
Omdat dat het kamertje waarin hij dat doet groter en mooier maakt.
Voor hem?
Omdat hij het kon!
Omdat mama de tafel van 23 niet uit haar hoofd kent en hij weet wanner hij zijn kamers uit en aan mag zetten

Tafels en hoogbegaafd: EUREKA

Keersommen. (Ik zat op de lagere school in de jaren zeventig en toen heette dat nog tafels) Mijn Oudste kende in groep 4 de tafels van 1 tot en met 12 uit zijn hoofd en door elkaar. Mijn Middelste zit nu in groep 6 en als ik hem vraag wat 3 keer 2 is kijkt hij mij glazig aan en duurt het 5 seconden voor hij het foute antwoord geeft. Zie hier het probleem geillustreerd van de hoogbegaafde versus de “gewoon” zeer slimme. Hoogbegaafden en keersommen. De hoogbegaafde kan niet automatiseren omdat hij alles blijft uitrekenen. Die zal niet leren middels paaaaaaagina’s en paaaaaaagina’s van heel veel sommetjes dat 19+3 hetzelfde is als 29+3 en hetzelfde is as 39+3. Omdat ze na drie veel te simpele sommetjes het nut van de paaaaaaaaaaaagna’s niet snappen. Dus leveren ze niks in, of afgeraffeld werk met veel foutjes. Maar wat dan? Hoe leer je het dan al het schoolsysteem niet werkt? Deze week had ik voor Wijzemans ineens de tool. De Eureka. Ik: 3 keer 6 Hij: die heb je al 2 keer gevraagd Ik: Keersommen gaan niet om rekenen. Je moet een robot zijn, je moet niet rekenen, je moet blind antwoorden. Ik: Je bent de kassa van de Albert Heijn en er komt iemand aan met 10 bolletjes saks. Bij elk bolletje roep jij “49 cent” De kassa roept niet na 4 bolletjes “ja stop eens eventjes, ik heb er al 4 gehad!” En als ik slordig ben aan de kassa en ik leg eerst mijn brood op de band en dan een bolletje saks en dan een blikje erwtjes en dan pas nog een bolletje saks zegt die kassa niet “heb ik al gehad!” Bellen naar de fabriek om te vragen wat het kost is ook geen optie want dan worden de rijen te lang. Dit verhaal begon gisteren en vanavond bij het eten werkten we het uit. Het werkte. Hij is nu de laatste groep 6’er van Nederland die de tafel van 3 kent. Het begrip oneindig snapte hij al toen hij 3 was, de tafel van 2 pas nu. Dat 3 keer 2 moeilijker is dan oneindig snappen is best wel eeeeehm….ik snap het niet.

Ooooooone hundreeeeeeeed and eeeeeeeeeeeeightyyyyyyyyyyyyyy

Na een juf-continuïteits-technisch gezien niet ideaal *kuch* verlopen jaar in groep 5, zeker niet voor een faalangstige hoogbegaafde, had ik vandaag een 10 minuten kennismakingsgesprek met de juf van groep 6.
Voor mij geen onbekende en ik had goede hoop, maar omdat we het hebben over Wijzemans ging ik er toch enigszins *kuch* argumenten-technisch-gezien tot de tanden toe bewapend naar toe.

Tien minuten later liep ik met een gerustgestelde glimlach en met een heel blije onderbuik het gebouw uit.

Ik heb geen argument ter tafel kunnen brengen, ik kon alleen maar het hele gesprek uitbrengen: “nou, dat dus”, “precies, exact dát!” 
Ze had voorbeelden die zo raak waren dat ze alleen maar “9 darters” gooide.

Ze heeft hem volledig in het snotje als kind, als MiniMe. Maar ze herkent daarbij ook alle valkuilen die hoogbegaafdheid met zich meebrengt. Ik bedoel het andersom: Alle lieve rare autistische dingen die hij heeft die domme, normale, slimme en heel slimme mensen zien als knulligheid en stommigheid of zelfs als ongeïnteresseerdheid of afwezigheid, herkent zij voor wat ze echt zijn: de typische valkuilen die horen bij een hoogbegaafde.
(Sorry voor de lange zin.)

Dat Wijzemans vanmiddag tegen me zei dat hij wat foutjes had gemaakt bij het rekenen (oh, humongeous bekentenis: foutjes gemaakt, de horror!) maar dat hij aangaf dat hij het met de juf samen had opgelost was de toef slagroom op de dag. Een juf die zijn foutjes mag aanwijzen en samen met hem mag oplossen is een Juf van de Buitencategorie.

Het 2 minuut 17 seconden gevoel

Sinds de (oneerbiedig het was veel meer) Kanjertraining voor Hoogbegaafden begint Wijzemans een idee te krijgen van hoe dat werkt, dat groepsgedrag.
Het komt uiteraard verre van natuurlijk, maar hij begint zijn brein er langzaam omheen te krijgen.
Dat is hoe het werkt voor hem: hij gaat het met zijn brein bevatten en tackelen in tegenstelling tot instinctief aanvoelen.
Hij is gelukkiger en zelfverzekerder dan voorheen, het is niet meer alsof we allemaal Chinees praten voor hem.
Hij is niet meer een mens tussen Aliens, of erger: een Alian tussen de mensen.

Maar toch, als we dan bij de brandweer zijn met pasen om er te eten met de dienstdoende ploeg en het is druk en iedereen praat luid en de groep vindt elkaar in voetbal en de ene Feyenoorder valt over de andere Ajaciet onder heel veel grapjes en lawaai….
…dan vindt hij dat te druk. Dat….en het gaat hem ver boven zijn pet.
Iets teveel groepsgedrag voor het mooie, zeg maar.

Dus neem ik zijn computer mee en sluit ik hem aan op de Wifi en gaat hij Mindcraften.
Oefenen met functioneren in een groep is een ding, dit van hem verlangen is het equivalent van Rijexamen-Vrachtwagen-Met-Oplegger-Of-Je-Leven na een eerste proefrijles in een Peugeot 206. Zeg maar.
Gewoon niet willen, niet doen, niet forceren. Sterker nog: niet kapot maken.

We zitten buiten en Spelmaker leert Draakje voetballen. Iets met de wreef en kort houden.
Draakje steelt de show en doet ondeugender en ondeugender en (want) hij geniet van de spreekwoordelijke spotlight. Hij bespeelt iedereen instinctief.
Spelmaker heeft puur plezier met zijn broertje, wars van of er iemand kijkt of niet: hij is zichzelf. Zuiver, puur.
Wijzemans zit binnen.

Collega van de Bevelvoerder komt naar buiten.
Hij kent de Gamer wereld, zo blijkt.
Hij kan aardig meedraaien, al zegt hij het zelf,
en als hij het niet kan, herkent hij het wel.
(Aan zijn toon weet ik genoeg: hij is beter dan hij claimt.)
Maar, vervolgt hij, wat Wijzemans deed gaat hem ver boven zijn pet.
Wijzemans is extreem goed en hij kent de goeden onder de gamers als hij het zelf niet kan herkent hij skills bij anderen. Hij herhaalt het een paar keer.
Dit was niet normaal. Hij kon het niet eens volgen.
Of ik enig idee had hoeveel beslissingen hij per minuut nam.
Nou, eerlijk gezegd niet, maar ik weet wel wat hij bedoelt.
Want ik ken Wijzemans.
Hij wil me waarschuwen voor hoe goed hij is en voor de valkuilen van de Gamer’s wereld.
En dat vind ik tof.
En ik knoop het in mijn oren, wat hij zegt.
Ik ben namelijk geen gamer.

Enige tijd later zit ik in een ander gesprek met anderen.
Collega van de Bevelvoerder komt naar me toe.
Hij was Wijzemans kwijt.
Ja, zo ging het: HIJ was Wijzemans kwijt, niet ik.
Die zat namelijk niet achter zijn computer.
En toen was hij gaan zoeken.
Wijzemans bleek door gangen gegaan die ineens one way waren (vroeger niet) vanwege een voor hem nieuw sleutelsysteem en moest verplicht naar de buitendeur.
Daar was hij geëindigd voor de uitrukdeuren.
En daar was geen bel.
En niemand die hem zag of hoorde.
Wij zaten achter in de tuin.
Hij was buitengesloten.
Vijf minuten? Tien seconden?
Voor èlk kind sowieso te lang.
Maar Collega van Bevelvoerder vond hem.

Deze keer was ik er niet voor hem, maar ik leerde wel een les.
Wijzemans gaat zijn weg moeten vinden tussen ons stervelingen.
En wij als ouders zullen handvatten moeten geven of zorgen dat anderen dat kunnen.
Maar vandaag zag ik iets moois.
Ook hij gaat mensen op zijn pad tegenkomen die hem snappen.
En die er voor hem gaan zijn.
Today, he had my son’s back.

Het 2minuut17seconden gevoel uit deze clip (die je alleen snapt als je het begin keek):

 

Paul van Loon Wijzemans’ Style

Achtergrond
Wijzemans is van de schaal gepleurd.
Zijn intelligentie ligt ergens way out there.
Klinkt leuk, maar is niet leuk.
Het is moeilijk.
Wij hebben hem laten testen toen hij 3 was en nog een keer toen hij 5 was.
Daardoor hebben wij handvatten om hem in de gaten te houden.

Cognitief en intellectueel geloven wij het allemaal wel.
Dat gaat uit de verf komen, of niet. Ook goed.
Emotioneel en sociaal heeft hij een grotere uitdaging.
Hij heeft moeite met het snappen van ons stervelingen,
moeite met het groepsgedrag.
En de kinderen uit zijn klas hebben moeite met het snappen van hem.
Zij hebben het over de lol van het woord “poep” en Wijzemans heeft het over het begrijpen van “oneindig”.
Ze snappen elkaar niet. Geen onwil. Wel verdriet.

Omdat je weet dat hij later in het leven en op de werkvloer ook zal moeten dealen with the rest of us mortals, hebben we hem gelaten op zijn school en hem ingeschreven voor een training voor (hoog)begaafde kinderen. In plaats dus van hem te sturen naar speciaal HB onderwijs. Lees: nog verder geïsoleerd van “de groep”. Voor hem is op dit moment deze keuze beter. Veel te kort door de bocht gezegd is Slim en Sociaal een soort kanjertraining++ voor (hoog)begaafden. Het is echter veel meer: Google, als je het echt wilt weten.

Het vervolg
In het kader van de training is het huiswerk op een goed moment:
Benader je idool en vraag hem/haar foto plus handtekening en stel nog twee vragen.
Breng dat mee bij de volgende training.
Niemand mag helpen, nul.
Ons ouders werd verteld dat het dus waarschijnlijk niet gaat lukken, maar dat het doel van de opdracht is dat ook al lukt het je niet, je al heel wat leert op de weg naar je resultaat. En dat dus bijvoorbeeld bijvangst waardevol is zonder het beoogde resultaat (dat je bijvoorbeeld lid kan worden van de fanclub van weetikveel). HB kinderen zijn namelijk “best wel” geneigd alles mislukt te vinden als Het Resultaat er niet is.

Het Resultaat Wijzemans Style
Hij kiest *klik* Paul van Loon.
Hij vindt de site.
Hij vindt het gastenboek.

Ik zit op de achtergrond en mag niks doen.
Ik zie hem dit typen, letterlijk:

1 foto+ handtekeing
2 hoeveel Dolfje boeken heb je geschreven
3 hoeveel andere boeken

En daaronder zijn naam en adres.

Dat ik sta te popelen om te zeggen:
“Joh Wijzemans, “Beste Paul” zou best aardig zijn om mee te beginnen!”
“En als je nu zou eindigen met “alvast bedankt” zou dat best aardig zijn!”

Dat ik op mijn handen moet zitten om niet in te grijpen en op een theedoek bijt om niks te zeggen.
Dat ik me bijna afvraag of de opdracht niet meer voor de ouders was dan voor de kinderen.

Het kind vult de bare necessities in.
En laat het achter zich.
Met vol vertrouwen op De Uitslag. Het Resultaat.

Een week later ploft er iets op de mat.
De post.

Kak.

Had dat godvergeten kind niet een godvergeten minder sympathiek idool kunnen uitkiezen?

 

Hij en ik. Ik en hij. Wij.

Wat vooraf ging….
Ik kocht Wreck this Journal al vier keer.
Drie keer heb ik het weggegeven aan iemand van wie ik dacht dat hij of zij het fantastisch zou vinden.
En dan kocht ik een nieuwe voor mezelf.
Al vier keer krijg ik het niet voor elkaar er zelf in te beginnen.
Ik lees ik blader, ik geniet van het boek maar krijg het niet voor elkaar te starten.
Ik stond op het punt om deze weer weg te geven aan iemand waarvan ik wist dat hij het fantastisch zou vinden.

Hoe het verder ging….
Ik zit bij het Baasje van Ben en we hebben het over Wijzemans.
Wijzemans die te vaak aan mij vraagt of het goed met me gaat.
Die te vaak zegt dat hij wilde dat ik geen ongeluk had gehad.
Die nu pas weer kan lachen nu ik zonder krukken loop.
Die het leven moeilijk vindt. Heel moeilijk.
Heel zorgwekkend moeilijk.
Die de omgang met de groep moeilijk vindt.
Die in paniek aan me vraagt waar ik ben, waar ik naartoe ga, als ik de gang in loop.
Die de grootste knauw van Kanker en Ongeluk heeft gekregen.
Misschien nog wel meer dan ikzelf.

Dankzij Baasje van Ben weet ik dat we hetzelfde zijn.
Meer dan alleen in uiterlijk.
Ik ben net zo letterlijk als hij, en net zo vreselijk slecht in sarcasme.
Ik heb geleerd om om te gaan met de groep.
Cognitief, maar ben van binnen nog net zo bang als hij.
Ik snap het niet. Die groep.
Ik ben net zo faalangstig als hij omdat
ik net als hij niet ben gewend om fouten te maken.
En sinds haar weet ik dat dat allemaal komt omdat ik net zo van die schaal val als hij.
Hij snapt niet dat zij (de groep) hem niet snappen, ik heb mezelf geleerd dat te snappen.
Maar ik ben 42 en hij is 8.

Ik vroeg Baasje van Ben hoe ik hem kan helpen.
Zij valt nog verder van de schaal dan Wijzemans en ik.
Samen bij elkaar opgeteld keer twee.
Als iemand het weet is zij het.
Ze gaf me handvatten en ineens wist ik het.
Wreck this Journal. Dat moet hij hebben.
Wat jammer dat het in het Engels is.
Maar dan vertaal jij het toch in het Nederlands en tweak je het voor kinderen?
Zei Baasje van Ben.
Je bent er creatief genoeg voor.
Bloos.

Dus ik schreef een brief aan de schrijfster, of ik haar boek mocht vertalen en een beetje mocht tweaken voor slimme kindjes.
Een dag later kreeg ik dit antwoord:

Hi Wendy,
Thanks very much for your email.  I am so glad you are enjoying the book!  Wreck this Journal has already been translated into Dutch.  You can see it here:
http://www.bol.com/nl/p/wreck-this-journal/1001004008492721/

The version that exists is very popular with children already, so I am not sure how I would tweak it for them, or for the gifted.  Both groups are already working with it.
I think the book works so well because it is very simple, and because it is open to interpretation by the person who uses it (they essentially bring themselves to it).  

Hope that helps!
Tot zines (not sure if the spelling is correct).  I love the netherlands!
best,
Keri

Wat er toen gebeurde…
Dus ik kocht Wreck this journal voor Wijzemans in het Nederlands.
Hij pakte het uit en ik legde uit wat de bedoeling was.
En toen begon hij heel hard te huilen.
Hij wilde het Journal helemaal niet Wrecken.
Hij begon erin te bladeren en vond het fantastisch, maar uitvoeren wilde hij het niet.
Kon hij niet, hij wist dat hij dat niet wilde.

wreck3

Wat ik nu heel zeker weet…
Ik had het moeten weten.
Ik wilde het zelf toch ook niet?
Mijn Journal Wrecken?
Ik ben 42 en hij is 8.
Uitingsvorm is anders, het sentiment is hetzelfde.
Hij en ik. Ik en hij.
Wij zijn hetzelfde.
Dat weet ik nu echt heel zeker.
Dus: wij kunnen elkaar helpen.
Ik kon beginnen in mijn Journal toen Wijzemans zei dat hij wel wilde, maar niet alles.
Zelf kiezen wat wel en wat niet.
En we doen het samen.
Elke dag dezelfde pagina.

wreck1wreck2

Dat kind? Dat dus.

De baby die een maand te vroeg met de tang werd gehaald en door het oog van de naald de bevalling heeft overleefd.
Het faalangstige jongetje dat zich in groep 2 ziek veinsde omdat hij een werkje niet durfde te doen omdat het te moeilijk leek.
Het mooie kind dat in groep 4 bijna mentaal vermorzeld en verguisd is door een docente die het werkelijk niet begreep #ikrukhaarhoofderaf.
Het kind dat in groep 6 eindelijk een juf kreeg die de groeibriljant zag.

Het allround kind dat sociaal is, verantwoordelijk is, sportief is. Lief is. Veel vrienden heeft.
Zo allround kundig dat je bijna niet in de gaten hebt dat het zo pienter is.

Het kind dat het meeste heeft meegekregen van een zieke dan wel weer eens invalide moeder.
Het kind dat zijn broertjes naar school bracht, de hond deed, hielp in de huishouding, nooit klaagde.
Al anderhalf jaar lang.
De boel thuis opving op de schouders van een 10/11 jarige.
Zijn moeder trooste.

Het kind dat steeds meer de humor van zijn vader krijgt en zijn moedertje (nog net groter dan hij) in de maling neemt. Omdat ze daar vrolijk van wordt.
Het kind dat een twee-eenheid is met zijn vader.
De Feyenoorders.

Het kind dat zijn spreekbeurt voor de eerste keer wil oefenen voor 2 (voor hem onbekende) bomen van militairen die hier op de avond tevoren langs waren.
Dat de grootste van de twee later tegen mij zei: op die leeftijd was ik liever doodgegaan dan doen wat hij deed!

Het kind dat niet wil dat zijn moeder hem op het schoolplein kust.
Maar wel wil dat ze met krukken de klas in komt, want dat is stoer.

Het kind dat de bijna zittenblijver altijd helpt in de klas.
Het kind dat bevriend is met de “percentielscore 14%” van de klas.

Dat kind kreeg de uitslag van de Cito. Het voorlopige advies van groep 7.
Gymnasium.

Dat kind dat alles dealt en gymnasium advies krijgt.
Terwijl hij thuis de boel draaiende houdt.
Dat kind waar de juffen niet over uit konden, zo’n fijn kind in de klas.
Zo mooi en zo bijzonder.

Dat kind?

Is mijn kind.
Dat dus.