Buddyrun

Zaterdagmiddag. Moeder van vriendje van Wijzemans brengt haar zoon voor een logeerpartijtje bij ons.

Zij: Als ik hem morgen kom halen, heb je dan tijd dat ik een kopje thee blijf drinken?
Ik: Nou, ik ben er dan zelf niet; ik ben dan naar Leeuwarden om een rondje te lopen met een vriend van me.
Zij: Je gaat naar Leeuwarden om een stukje te lopen?
Ik: Ja?

Ja natuurlijk begreep ik haar verbaasdheid, maar ik vond het gewoon leuk om het zo vanzelfsprekend mogelijk te brengen. En natuurlijk ga ik niet voor iedereen 171 kilometer heen en 171 kilometer terug om een stukkie te hollen. Maar we hebben het over Bud.

Hij is iemand die in de loop der tijd getransformeerd is van virtuele kennis naar een kennis in het ecchie. We zijn samen naar een aantal concerten geweest en we hebben elkaar gezien bij een loopje met twittermaatjes. Hij en Spelmaker kenden elkaars virtuele naam op de PS3. En ondertussen maar lol hebben op twitter. Gedeelde humor, gedeelde looppassie (elk op zijn eigen niveau (lees: als ik twitterde “I ran 12 km”, twitterde hij “I ran 76 km”, maar we liepen dan wel weer virtueel samen)), gedeelde muzieksmaak. En ergens ook een vergelijkbare kijk op mensen/twitter/wereld. Ook op het internet heb je mensen met wie je meer contact hebt dan met anderen. En Bud was daar een van. Een waardevolle.

Maar toen kwam 2012 en zoals ik eerder heb geprobeerd te formuleren, telde alles in 2012. Niemand deed mee voor spek en bonen. De mensen die het hebben laten afweten in die tijd, hebben het laten afweten op het moment dat het er toe deed. En dat wordt nooit meer vergeten. Dat is geen belofte, maar een gevoel dat blijkbaar “is”. Een conclusie die ik heb moeten trekken omdat het zo voelt onder de streep. En de mensen -sommigen uit onverwachte hoek- die er waren, staan voor altijd op de goede bladzijde van mijn schriftje. Ook dat is niet meer uit te gummen. Ook aan de goede kant werkt het zo. 2012 was voor het ecchie. En dan…heb je die paar die above and beyond serieus een verschil hebben gemaakt.

Bud is daar een van. Zijn Budhumor heeft me op cruciale momenten door emotionele momenten en crisis situaties geleid. Pats: keer op keer op het juiste moment en met de juiste toon. Bud Style, humor style. Exact wat ik nodig had, elke keer juist als ik het nodig had. Lees me goed: ik bedoel dus echt niets af te doen aan de essentiële knuffels en liefde en troostende armen die ik kreeg van zoveel anderen die ik net zo hard nodig had, moet ik het echt toevoegen als disclaimer? Nee toch?

Dus. Zondag gingen we eindelijk, eindelijk samen een rondje doen. In Leeuwarden. En voor Bud rij ik dus wel 171 km heen en 171 terug om samen te lopen en vervolgens samen met Mevrouw Bud een hapje te eten!

Bud stippelde de toeristische route uit. Langs het monument van de 11 steden, en de start van de 11 steden, de scheve toren in het centrum, het bruggetje met de tegeltjes van alle finishers van de 11 steden en de finish bij de Bonkervaart en door de straat waar Mevrouw Bud bijna klaar was met werken.

Een kleine 22 kilometer met mijn Bud. Gevolgd door een paar uurtjes bij hem en mevrouw Bud thuis. Ik heb zelden zo’n leuke, zo’n ontzettend leuke zondag gehad. Nike zou zeggen: Make It Count.

I did!

buddyrun

BBo-3MrCUAA-7Iv.jpg-large

Advertenties

Ik kan nog nog niet tegen een stootje, maar ik heb hele lieve mensen om me heen!

Bericht van mij heen.
(waarheidsgetrouw, op namen na)

Beste TreenerT,

Gisteravond was ik heel erg verdrietig over werkgerelateerde zaken (grote baanonzekerheid) en het feit dat lopen niet liep. En later realiseerde ik me: ik ben op weg, maar ik ben er nog niet. En ook al ben ik er, ik heb nog lang geen reserves en ik heb geen buffertje: ik kan nu nog niet tegen een stootje. In 2012 had ik lopen nodig als baken om door de hel te komen. Gisteravond realiseerde ik me dat het niet meer zo sterk is als dat, maar dat het nog steeds geldt: met lopen kan ik dealen met dingen. Lopen is nog veel te veel mijn buffer, mijn stootkussen. Als lopen niet lekker gaat is dat enerzijds een item op de stapel dingen die spelen en anderzijds ben ik mijn steuntje kwijt. Het telt dubbel. En toen ineens toen ik de Bevelvoerder aan de lijn had klikte het: ik wil mijn lopen terug. En toen ik me dat bedacht voelde ik me zo opgelucht! Dan maar niet de marathon onder de 4 uur, maar ik wil terug wat het voor me deed. Mijn Bud probeerde me nog tegen te houden (ik vroeg hem om advies) maar hij zei op het laatst dat ook al is het schema betere voorbereiding, en de eigenlijke manier om het te doen, ik wellicht nog te vroeg ben, teveel aan mijn hoofd heb. Lopen is mijn boei en ik heb geen zwemdiploma. Daarbij werk ik weer fulltime, we hebben wisseldiensten, 3 kinderen met sport, dieren, ik werk veel uithuizig….lopen wanneer ik wil, wat ik wil is logistiek ook de betere optie. Ik word daar een lievere mama en een lievere echtgenote van. Ik liep vandaag van werk naar huis helemaal op mijn eigen manier als test en toen wist ik dat ik dit mailtje moest schrijven.

Sorry dat ik opgeef, maar het voelt voor mij niet als opgeven. Het voelt als iets terugvinden. Dank je wel voor de moeite die je in me hebt gestoken. Ik zal mede in dat licht dit jaar weer meedoen aan een Run for Kika en Lopen Tegen Kanker.

Ik hoop niet dat je boos bent.
Bedankt en liefs,
Repel

Toen kreeg ik dit antwoord.
(waarheidsgetrouw, op namen na)

Hoi Repel,

Eigenlijk wist ik dit al wel. De laatste zin van mijn mailtje van gisteren
hield dat al in.
Gewoon je ding doen met lopen zoals je altijd gedaan hebt. Lopen zien als
een bevrijding van al je beslommeringen, om je gezin, om je werk, om je
gezondheid. Dat is zeker voor nu het beste medicijn en dan idd. niet jezelf
ook nog vastpinnen op een schema dat dan alleen maar werkt als een keurslijf
dat je geen ruimte laat.

Boos? Ben daar maar niet bang voor. Er moet heel wat meer gebeuren om mij
boos te krijgen. Jammer? Ja.. dat wel omdat ik je zo graag mee onder die 4
uur geholpen zou hebben. Ben er nog steeds van overtuigd dat dat ruim binnen
je (loop)mogelijkheden ligt.
Ik hoop je binnenkort nog eens ergens te ontmoeten bij wat voor gelegenheid
dan ook.

Mocht je ooit nog loopvragen hebben en je denkt dat ik daar een antwoord op
zou weten dan weet je me te vinden.

Maak er een leuk weekend van.

Groetjes TreenerT

Het roer om: een tweede hardloopleven

In de zomer dat Draakje twee werd, pakte ik voor de tigste keer het hardlopen weer op. En omdat Draakje de Benjamin zou blijven, zou het lopen nooit meer worden onderbroken door zwangerschappen, zwangerschapskilo’s of babyperikelen. Ik loop sindsdien alleen maar gestaag verder en harder, fanatieker en fanatieker en ik haal er steeds meer plezier uit. Ik heb het nodig. En sinds het me heeft geholpen om 2012 te overleven, sinds het mijn steun is geweest tijdens kanker, is hardlopen en geïntegreerd onderdeel van mijn systeem geworden. Alsof het een karaktereigenschap is: iets wat ik ben. Hardlopen ist. Het voelt letterlijk niet als overdrijven als ik dat zeg. I run for life.

Ik liep altijd alleen. Dat was heilig voor me. I walk alone. Tot ik een paar keer met mijn collega van het romantische hardlopen ging trainen op weg naar de grote Den Helder-Maastricht estafette. En tot de twitterloopjes kwamen en de duoloopjes met loopmaatjes. Ik loop graag alleen met mijn muziek, maar ik heb de lol van het samenlopen, het sociale hardlopen, ontdekt. En ik geniet ervan. Ik vind het ook wonderlijk hoe kerels die 15 klassen rapper zijn dan ik het leuk vinden om een rondje te doen met mij. Maar wat zijn dat leuke duoloopjes! Ik kijk er zelfs altijd naar uit.

Ik ren altijd op de bonnefooi. Zonder schema’s. Zonder theorie. Zonder op tempo te letten. Gewoon: veel. Alleen maar kilometers sparen en rapper worden. Minimaal drie keer per week mijn vaste rondjes met mijn vaste muziek. Op mijn manier. En met een doel. Na de 10 wilde ik een keer de 15 kunnen. Na de 15 wilde ik een keer een halve lopen. Maar verder zou ik niet gaan. De halve was lang genoeg om een keer gedaan te hebben. Maar anderhalf jaar na de halve wilde ik één keer een hele marathon lopen. Ook die deed ik Repel Style: ik had een schema uitgeprint van het internet en deed zo ongeveer wat er stond, maar dan op mijn manier. Niet alleen heb ik de diensten van de Bevelvoerder, maar ik heb ook last van eigenwijzigheid. Trainen naar een marathon deed ik zonder coach en met eigen schema. Ik, een werkende moeder van drie kan dat. Het werd zelfs een soort erekwestie om het zo te doen. Uiteindelijk bleek het feit dat ik hem exact één maand na mijn operatie tegen borstkanker liep de werkelijke prestatie. Niets zal de symbolische waarde van die marathon in mijn leven evenaren. De datum dat ik hem liep, staat in mijn zij getatoeëerd naast de tatoeagestip van de bestralingen.

Ik ben genezen, maar lopen blijft. Ik doe geen uitspraken meer over wat ik nooit zal doen. Nu ik ook een trail van ruim 21 kilometer door de sneeuw heb gedaan gecombineerd met mijn track record, lijkt me dat geen goed idee. Ik zal nooit iets doen wat in de buurt komt van ultralopen. Ik ga wel de marathon van Rotterdam doen. En die gaat binnen vier uur. Althans, dat ga ik proberen. En ook dat zou ik weer helemaal Repel Style gaan doen.

Maar toen verpulverde ik mijn pr op de 15 en toen vernietigde ik mijn pr op de halve. Als ik dit kan op mijn manier, met trainen niet gehinderd door enige kennis: wat kan ik dan als ik train zoals iemand die er verstand van heeft vindt dat het ook kan? En toen trok ik de stoute schoenen aan. Ik stuurde een bericht naar iemand waarvan ik weet dat hij hardloopcoach is. Ook online. “Ik ben een beetje eigenwijs en ik kan alleen maar volgens een onregelmatig schema lopen, maar….” Dus nu heb ik een schema voor de eerste 6 weken dat maandag ingaat. En ik moet allemaal gekke dingen doen die zo’n beetje de inverse zijn van wat ik ooit heb gedaan. Ik ga bijvoorbeeld x minuten hardlopen in tempo y, in plaats van een x aantal kilometers plannen en we zien as we go wel hoe de benen aanvoelen in welk tempo ik loop! (Zo hard mogelijk, dat sowieso.) Ik ga lopen niet zoals ik doe als een metronoom in één tempo, maar in verschillende zones met versnellingen en pauzes. En ik ga langzamer lange afstanden lopen dan ik ooit voor mogelijk had gehouden.

Ik ben eigenwijs, maar ik ben ook vastbesloten: ik ga dit doen on the Road to Rotterdam.

 

Waarom doe ik dit?

Zondag 14 oktober 2012

06:20 AM Mijn wekker gaat af. Ik schrik er niet van. Ik was al wakker: wakker geworden van de regen. Net als mijn middelste. Vijf minuten eerder was hij met zijn gebruikelijke “mag ik bij jullie komen liggen” tussen ons in gekropen. Ik ga zitten en luister naar de regen. “Lief, het hoost”, zeg ik tegen mijn lief. Ik krijg ondefinieerbare geluiden terug als antwoord. Ik kleed me aan: mijn loopkleding over mijn kous. Ik geef mijn lief een kus en knuffel het warme bundeltje kind dat helemaal naar mijn slaperige middelste ruikt, terwijl ik luister naar de kletterende regen.

Waarom doe ik dit, vraag ik me mezelf af. Een zeldzame zondag als deze dat we samen hadden kunnen zijn. Met de kinderen. De regen klettert. Niks heerlijkers dan blijven liggen in je bedje in de knusheid bij elkaar.

Maar ik ga uit bed en ga naar beneden. Boterhammetje, flesje drinken, astmapuffer, iPod, loophorloge, buikgordel, regenjack, droge kleding, handdoek, TomTom, adres van Marcel. Check Check Dubbel Check. Dat ik mijn eigen chip vergeet heb ik niet in de gaten. Dat ik het bevestigingsmailtje niet heb geprint, ben ik vergeten. Het hondje jankt in zijn bench en begrijpt het totale negeren niet. We hadden de avond te voren afgesproken dat hij het wel zo doen, ik mocht me concentreren op me klaarmaken. Maar ik luister naar de regen en bedenk me dat ik nat genoeg zal worden vandaag, ik doe het hondje wel even, kan de rest blijven liggen.

07:10 AM Ik zit in de auto op weg naar Marcel. De ruitenwissers hebben het druk. Ik zie her en der een bliksemflits in de lucht. Ik heb de verwarming expres uitgezet: ik wil het niet te comfortabel krijgen, want anders is de klap in mijn gezicht zo groot zometeen. Ik ril nog na van het hondje uitlaten. Het was koud en guur en naar.

Waarom doe ik dit, vraag ik mezelf af. Dit is kak-weer. Dit gaat niet leuk worden.

08:00 AM Voor de tweede keer in 2012 rijd ik Marcelstad in en parkeer ik in alle vroegte voor zijn deur. En voor de tweede keer in 2012 ligt zijn gezin nog op een oor. Voor de tweede keer in 2012 doet hij met een stralende glimlach de deur open en drinken we samen een bakkie voor we samen carpoolen naar Schoorl. Toen in februari voor de 30 km van de Groet uit Schoorl, nu voor de Duinentrail Schoorl over ruim 14 km. Onze eerste trail. En Schoorl schijnt een serieuze te zijn.

Tijdens de rit naar Schoorl vragen we ons af waarom we dit doen. Al is het wel wat minder gaan regenen.

09:45 AM Een sporthal in Schoorl. We hebben een parkeerplekje gevonden in the middle of nowhere en we hebben de hal gevonden. We maken ons klaar voor de start. Ik heb een vervangende chip kunnen huren. Mijn benen zijn klaar, maar administratief ben ik nog nooit zo slecht voorbereid geweest op een loopje. Het maakt niet uit. Marcel en ik beginnen ons langzaamaan te herinneren waarom we dit doen. We zien Matties en het begint te kriebelen. Deze wordt genieten. Totally unlike Repel gaat de klok alleen maar aan omdat ik wil weten hoeveel hoogtemeters ik zometeen heb gemaakt en weer ben gedaald. Mijn eerste trail. Het gaat niet om de tijd, het gaat om een met de natuur, genieten.

Waarom die ik dit, vraag ik mezelf onzeker af. Hoe zwaar gaat dit worden? Ik ben goed in asfalt: maar klimmen door mul zand, langs boomstronken dalen? Ik doe dat….waarom? Ga ik dit echt leuk vinden?

10:30 AM De start. En dan weet ik anderhalf uur lang weer exact waarom ik dit doe. Dit doe ik omdat lopen me gelukkig maakt. Dit doe ik omdat lopen me compleet maakt. Dit doe ik omdat lopen me in 2012  heeft gered. Dit doe ik omdat het exact 10 maanden na de foute mammografie is. Dit doe ik omdat de datum van mijn eerste marathon over een maand onder de tattoostip van de bestralingen wordt getatoeëerd. Dit doe ik omdat ik in 2012 alles kan. Ook een trail. En oh my lord wat was het zwaar en wat heb ik ruim 14 kilometer lang genoten. Marcel zei het al: deze is voor het genieten. En hij had gelijk.

Rond 15:00 PM Ik krijg een berichtje dat hij online staat. Op YouTube. Ik kijk en geniet. Als jullie je afvragen waarom ik dit doe en of er ook maar een woord gelogen is: hieronder 14 kilometer genieten subliem samengevat in 5 minuten. Daarom doe ik dit.

15 oktober 07:00 AM Ik zie een berichtje op facebook dat de uitslag binnen is. Ik ben 36e van 119 vrouwen geworden op mijn eerste trail. Ik what’s app mijn lief die op weg is naar werk. Ik krijg een berichtje terug dat hij trots op me is. Daarom doe ik dit.

Ga ik Groet uit Schoorl weer doen?

Of ik me weer wilde inschrijven voor Schoorl, vroegen mijn Matties me.

Ik loop graag 30 kilometer en ik loop graag in Schoorl.

Alleen…

Ik liep Schoorl op 12 februari 2012.
Ik was die dag perfect gelukkig.
Ik liep die afstand pas voor de derde keer en ik was nerveus.
En ik mocht meelopen met het loopclubje van een Mattie.
Ik ontmoette daar veel virtuele twitter Matties voor het eerst.
Ik liep daar als een tierelier.

Die dag was P.E.R.F.E.C.T.
En exact twee dagen later stortte mijn wereld in.

Ga ik Schoorl weer doen, was de vraag.

Ja.
10 februari 2013 sta ik er weer voor de 30 km.
Hopelijk met de Matties die snappen dat het niet om de afstand zal gaan.
Dat ik er traanloos doorheen kom, kan ik namelijk niet beloven.

Deze foto doet tot op de dag van vandaag pijn.
Twee dagen na deze foto lag mijn leven aan puin.
Ik kijk zo blij.
Zo ongelofelijk blij.
Daar heb ik moeite mee.
Wat was ik gelukkig, 2 dagen voor de ramp.

Interviewen is, zeg maar, niet helemaal mijn ding

Ik ken hem via twitter; hij is een van de virtuele loopmaatjes.
Bij de 20 van Alphen zag ik hem voor het eerst en we hit it off (lees: hij kletst net zo veel en enthousiast als ik).
De tweede keer dat ik hem zag was op het 10 kilometerpunt bij de marathon van Utrecht.
Hij kwam naast me fietsen en vroeg hoe het ging. Hij bleef een kilometertje bij me rijden.
Na de finish zag ik hem weer; hij was blijven hangen om te kijken in welke toestand ik over de finish was gekomen.

En net in de fase dat mijn interesse in andere logjes uitermate beperkt is, stuit ik op een logje van hem over zijn tiende marathon.
Ik reageerde met een vraag: welke was de leukste.
En voor we het wisten, was het idee geboren: ik zou hem voor de log gaan interviewen over de 10 marathons die hij heeft gelopen.
Over de moeilijkste, de leukste, en over degene die hem het meeste is bijgebleven.

En wat blijkt? Ik kan kletsen en kan een beetje schrijven…maar interviewen kan ik niet. Het werd geen Q&A.
Maar dat bleek ook helemaal niet erg. Zijn loopverslagen van de marathons op zijn eigen log zijn boeiend en beeldend…daar kan ik weinig aan toevoegen met een letterlijk verslag (de linkjes naar de logjes over zijn marathons staan onderaan dit logje!). Veel leuker is het meta-verslag van een avond kletsen met John over hardlopen en marathons lopen.

Want hoe zit dat? Waarom ga je een marathon lopen. Wat maakt dat je als hardloper ergens dat besluit neemt om die 42,195 kilometer te gaan lopen? Het blijft een magische afstand en de eerste keer dat je hem loopt is magisch. En de moeilijkste ook: het is onbekend terrein. In John’s geval had het na enkele jaren hardloopervaring iets te maken met 42 worden. Het leuke is dat hij al looptrainer was voor hij zijn eerste marathon liep. Iets kunnen en iets kunnen overbrengen zijn twee verschillende dingen. Maar in 2009 liep hij dus zijn eerste marathon. De marathon van Rotterdam. En die liep hij nog twee keer daarna. Want Rotterdam is bijzonder, Rotterdam is mooi. Rotterdam moet je een keer gedaan hebben volgens John. Die opmerking heb ik dus in mijn oren geknoopt! Hij liep er zijn eerste “sub 4” in 2010. Voor de niet-lopers onder jullie: sub 4 betekent onder de vier uur. Ook die gedachte heb ik in mijn oren geknoopt. Zijn PR staat overigens niet in Rotterdam: die staat in Terschelling: de tweede keer dat hij de Berenloop deed in 2011 knalde hij ruim 20 minuten onder zijn PR naar 3.28. Pas als je zelf loopt gaan die getallen betekenis krijgen: “sub 4 op de marathon” en “20 minuten van je PR af” zijn feiten die zelden landen in je omgeving der niet-lopers. Er zijn ook een heleboel dingen te vertellen over 3 marathons die hij liep 2011, maar opvallendste vond ik dat die marathons geen doelen op zich waren, maar lange duur”trainingen” op weg naar de 60 klometer van Texel. Ergens na het besluit om die 42,195 kilometer te gaan lopen, kwam dus het besluit om 60 kilometer te gaan lopen. Ik vraag me ook af hoe een niet-loper aankijkt tegen het verschil tussen 42,195 en 60 kilometer. Ergens na het besluit om 42,195 kilometer te gaan lopen komt dan het besluit om sub 3.20 te gaan lopen. In Boston, of all places. En waarom? Omdat je je voor Boston moet kwalificeren, da’s speciaal. En de marathon van Boston is geen rondje, maar gaat van A naar B.
En wat voor mij als een rode draad door zijn verhaal van de 10 marathons loopt, is het sociale aspect van de zogenaamde individuele sport hardlopen. Met wie hij over de finish kwam en waarom. Het samen beleven van een marathon. Met zijn loopmaatje, of als haas voor een maatje, of met zijn trainer van destijds…en wat ik heel mooi vond: met zijn meissie tijdens haar droomdebuut op de marathon van Berlijk in 2011. En met die gedachte gaat hij ook voor de Goofy Challenge in Florida: op zaterdag de halve marathon samen met zijn vrouw en op zondag de hele.

Voor we het wisten hadden we een hele avond wegekletst en al bladerend door zijn blog besloot ik dat het totaal niet erg is dat ik niet kan interviewen. Dit logje is veel meer Repel Style. Ik zou dat best vaker willen doen, er zijn nog zat lopers die ik een keer het hemd van het lijf zou willen vragen. Maar deze keer ging het over John, die ik zag vlak voor mijn operatie en die ik zag op de marathon die ik liep en voor mij symbolisch was.

In maart dit jaar bij de 20 van Alphen
Image Hosted by ImageShack.us

Een hardlopend stel en hun schoenen…
Image Hosted by ImageShack.us

De marathons van John:

http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2009/04/i-finished-2009-rdam-marathon-john.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2010/04/een-pr.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2010/11/bereloop-beregoed-en-beregezellig.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2010/12/spijkenissegeslaagd.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/02/dit-keer-wel.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/03/akrm-ultradebuut.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/04/mijn-derde-rotterdam-marathon.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/09/berlijn-marathon-1.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/09/berlijn-marathon-2.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/09/berlijn-marathon-3.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/09/berlijn-marathonde-ontknoping.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/09/haar-eerste-42.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2011/11/berenloop-berengoed-pr.html
http://hardlopendeboer.blogspot.nl/2012/06/geslaagde-slachtemarathon.html

Lopen is. Punt.

Het leek me zo leuk: lezen op vakantie.
En ik had voor mij het ideale boek meegenomen. “Eenzame uren” (Jolanda Linschoten). Over de zoektocht waarom ze hardloopt en specifieker: waarom ze ultralange afstanden loopt.

En nu zit ik hier op vkaansie met mijn boek en ik ben nu al zes keer begonnen aan de achterkant en/of aan de inleiding, maar ik krijg het echt niet voor elkaar. Ik kom niet verder dan de achterkant en de helft van de inleiding. Ik leg het telkens met tegenzin weg. Al zes keer. Dit boek ga ik in deze fase van mijn leven niet gelezen krijgen.

De vraag waarom ik voorheen liep, staat niet meer ter discussie. Die is totaal irrelevant geworden. Wat telt is dat ik het deed, hardlopen. Ik vond het leuk. Bijkbaar was het ook belangrijk genoeg voor me in mijn oude leven. Wat telt is dat ik het deed. Daardoor beschikte ik over de conditie en de benen om te gaan hardlopen voor mijn leven.

Op 14 februari 2012 werden alle kaarten van mijn leven met één grote veeg van tafel geveegd. Toen stond ineens mijn leven openlijk ter discussie. En toen liep ik ineens om letterlijk en figuurlijk op de been te blijven.

En ik weet nu, in deze nieuwe fase van mijn leven, een heleboel dingen niet. Ik ben niet helemaal meer wie ik was en ik sta niet meer helemaal in het leven zoals ik er voorheen in stond. Maar als ik één ding wel weet, dan is het dat ik me niet afvraag waarom ik loop.

Lopen is een gegeven in mijn leven. Niet alleen maar vanwege kanker maar wel mede dankzij kanker. Lopen zit geïntegreerd in wie ik nu ben. Lopen ist. Punt. Het is geen kwestie van schema’s moeten lopen, of wel of geen zin hebben. Net zo min als dat ik me afvraag waarom ik van mijn gezin houd, vraag ik me af waarom ik loop. Lopen ist. Nee, ik krijg dit boek niet gelezen. Ga ik het weggeven, of ga ik het opbergen voor later?

Blogspiratie

Je komt best wel wat tegen, zo zoekend naar de draad van je leven.
Jezelf, zo af en toe, om maar eens wat te noemen!
De meeste lui in mijn directe omgeving denken dat ik flink wat heb meegemaakt in 2012.
En ik doe meestal ook reuze normaal en vrolijk en draaf 40 tot 60 kilometer per week.
De wereld weet stiekem niet dat ik er er nog midden in zit.
Ik heb namelijk ontdekt dat die extra toegift in dit verhaal wederom een achtbaan is.
Ik dacht dat de zaallichten zouden aangaan na een teleurstellend concert en na een teleurstellende toegifte, maar nee, ze moesten nog een keer terugkomen voor nog een toegift.
Ik kom mezelf tegen.
Dat, en een heleboel logjes.

Ik heb alle logjes over mijn tiet….nee, stop. Ik heb weer vriendjes gemaakt met haar; mijn borst. Mijn borst dus. Ik heb alle logjes over mijn borst verzameld. Op zijn minst voor mezelf. En op z’n een na minst voor de Daltons. Mocht het ooit eens terugkomen met een andere prognose en als het anders afloopt. Dat ze weten hoe het was, hoe ik was. En stiekem met een halve gedachte voor een groter doel. Met een inleiding en een slot. Dan zou een logje als dit logje de inleiding van het verhaal kunnen zijn.

Zoekend naar alle logjes die ik schreef over Knobbels In Tiet (mijn KIT dus, zoals ik ze destijds noemde), kwam ik een heleboel andere logjes tegen. Ik wilde oorspronkelijk eigenlijk alleen maar alle logjes over mijn borstkanker verzamelen. Dat begon dus met alle logjes sinds De Grote Onverwachte Foute Uitslag van 14 februari dit jaar. Maar ik realiseerde me al vrij snel dat het verhaal pas compleet is als ik mijn haat/liefde verhouding met mijn tiet borst en haar knobbels van daarvoor includeer. Want De Grote Onverwachte Uitslag van 14 februari kan je alleen maar in context plaatsen als je weet van de Grote Alarmbellen van 1998 en de operatie, de Grote Alarmbellen van 2002 en die operatie en de Grote Alarmbellen van 2009….en de Totale Weigering van die operatie. Want zonder die Weigering had ik nu geen kanker gehad…maar anderzijds ook geen borsten meer. Ik ben daar nog niet helemaal over uit: ben ik blij of boos? The jury is still out…

Al zoekend naar de draad van mijn leven, zoekend naar het verhaal dat ik wil omvatten en afronden en archiveren, al zoekend in logjes vanaf 2006, zie ik tevens de oude draad van mijn leven in de absurde hoeveelheid logies die ik heb geschreven. Ik lees veel (want ik schrijf veel, ik zie Ritchie beamend knikken als hij dit zou lezen) en d’r is een boel te overdenken.

Maar zonder analytische slagen kan je al heel snel twee simpele onweerlegbare conclusies trekken: Ik log momenteel niet met immens plezier over kleine zaken, nutteloze zaken, totally unrelated zaken met kwinkslagen zoals ik jarenlang wel deed, column style. Dat, en ik reageer nul op andere logies daar waar ik jarenlang heel trouw en met immens plezier minimaal 30 logies per dag van een reactie voorzag.

Elke vezel in mijn lijf voelt dit dat dit zo is, dat ik het niet doe, niet kan, niet wil. Maar waarom? Daar wil ik mijn vinger achter zien te krijgen; dat is onderdeel van het zoeken naar de draad. Een begin van een idee heb ik al wel. Naar werk fietsen was zo absurd normaal na 79 dagen  in de binnenstebuiten-wereld, dat loggen over het trekken van de stekker uit de avond4daagse net zo surreëel zou zijn geweest, dus deed ik het niet. Reageren op logjes is helemaal anders, maar misschien wel precies zo. Ik heb moeite met de normale wereld en normale logjes….de normale wereld is momenteel te absurd voor me en reageren op een normale manier klopt zo niet dat mijn handen niet eens richting toetsenbord kunnen. Anderzijds heb ik ook moeite met leed. Als je zelf geen reserves meer hebt, is het lastig het voor een ander op te brengen. Je kan leed niet wegen, maar zowel minder erg als erger dan ik, is nu gewoon lastig.

Het dekt de lading niet: ik zit in de buurt, maar ik heb hem niet scherp. Ik heb die draad soms vast, maar het is te blurry om hem door het oog van de naald te krijgen.

Gisteren op de eerste controle bij radiologie verwoordde de arts dat ik er lichamelijk, conditioneel gezien belachelijk goed aan toe ben.
Ze stond perplex. De misselijkheid, de vermoeidheid, zelfs de genezing van de brandwonden…ik zou er aan alle kanten niet zo goed aan toe moeten zijn.
Nou ja, wel als je denkt dat ik er dit jaar al ruim 1100 kilometer op heb zitten, inclusief een marathon.
I run for life is letterlijk.
Lopen redt mijn leven.

Maar ze waarschuwde me ook. Je bent er lichamelijk te goed aan toe en je kan rationeel te goed beredeneren wat het emotioneel doet met een mens. Maar hey….die emoties zelf?
Dat antwoord moest ik haar verschuldigd blijven.
De laatste keer dat ik serieus een potje heb gegriend om dit hele concert met alle toegiften?
Oei, daar vraag je me wat….
Janken om bijzaken ja…maar dit concert en die godvergeten toegiften die maar blijven komen? Hmmmm…..

Estafette Revisited

Ik heb al een keer beschreven hoe het voelt na afloop van een Den Helder – Maastricht estafette. Dat was hier dus.
Ik las het bewuste logje vanavond terug en kreeg acuut writer’s block.
Want wat er staat klopt nog steeds en ook nu ben ik net net als vorig jaar te moe en te wakker tegelijkertijd om te slapen.
Ik bedacht me ook dat ik weinig heb toe te voegen aan vorig jaar en dat ik vorig jaar nog leuker schreef dan nu, dat ook nog nog eens een keer.

Niks toe te voegen? Dat is niet helemaal waar…
Dit jaar was ik heel blij dat ik weer kon inschrijven toen bleek dat we hem weer gingen lopen.

Maar toen kreeg kanker er een mening over.

Ik had Utrecht en de Den Helder – Maastricht estafette op de planning.
De estafette zei ik direct definitief vaarwel, maar voor Utrecht ging ik vrezen en knokken en hopen.
Pas bij de planning van de bestralingen bleek de estafette datumtechnisch toch mogelijk, gezien het aantal bestralingen.
Onder. Voorbehoud. Van. Mijn. Gesteldheid.

En toen kreeg ik er een mening over!
Eerst Utrecht, dat eerst.
En na Utrecht bleek ineens de estafette de volgende stip op de horizon.
Een stip na de bestralingen.
Een punt om overheen te kijken.

****

Den Helder – Maastricht is geen Roparun en geen Beneluxrun. Het is een klein broertje.
Klein in de zin van kleinschalig: minder kilometers maar ook minder teams en minder commercie.
Ervaren Roparunners in ons team zeggen dit ergens leuker te vinden: echter, minder poeha.

Het blijft mooi en bizar….je loopt langs een heel land van Noord tot Zuid…

’s Ochtends in Noord-Holland,
lopen langs het IJsselmeer,
de dijk,
langs Amsterdam,
busje, lopen, busje,…

’s Middags lopen in Brabant,
het hele Brabantse land door,…

Ineens ben je in Limburg,
langs de velden met asperges..
En voor je het weet de Cauberg en de heuvels daarna.

****

En dan heb je een Olaf die dit jaar vastlegt op de plaat.

Nooit meer windje tegen

I walk alone. Dat is de basisregel.
Ik alleen met mijn gadgets en mijn muziek.

Als ik goed graaf in mijn geheugen is mijn toevallige anonieme pacer van mijn eerste 10 kilometer ooit met een “buiknumer” de eerste met wie ik samen liep.
Maar die telt niet echt.
Mijn collega van het romantische hardlopen. Dat was eigenlijk echt de eerste. Met hem heb ik mijn eerste kilometers hardlopend babbelend doorgebracht.
We waren toen aan het trainen voor de Den Helder – Maastricht estafette.
Ook dat telde dus niet echt mee, want dat was speciaal voor de estafette.
Daarna liep ik namelijk gewoon weer alleen. I walk alone, want dat is de basisregel.
Ik alleen met mijn gedachten, en al dan niet met mijn zorgen en beslommeringen.

Maar toen deed ik een duoloopje met Nesrine. En toen met Ronald en toen liep ik met Marcel’s clubje mee in Schoorl.
En ineens zoek je elkaar op voor de start van een prestatieloopje. Je loopt daar wel je eigen tempo gedurende de race, maar je ziet elkaar voor en achteraf,en soms gedurende.
I walk alone werd heel geleidelijk de praktische trainings-basisregel. Maar als het ff kan of uitkomt, doe je een duoloopje, al dan niet virtueel.
Dat kan namelijk ook nog, zo ontdekte ik. Ook al loopt de Zuid-Hollander 7,5 km en de Fries 15 km. Maar wel al twitterend tegelijkertijd.

Gisteren zou ik een duoloopje gaan doen in Mijdrecht. Maar omdat ik met een hand in het gips niet mag autorijden, vroeg ik of hij mijn kant op wilde komen.
Ik heb namelijk hier mijn vaste rondje dat niet alleen verdacht veel op een echt rondje lijkt (in de zin van cirkel), maar dat daarbij van mijn deur terug tot aan mijn deur ook nog eens nagenoeg, zonder stiekeme extra bochten her of der, ook nog eens, exact 16,1 km is. Bizar! (Voor de niet lopers onder jullie: 16,1 km is een echte loopafstand….beter bekend als de 10 Engelse mijl. De 10EM. Een heerlijke afstand!)

Hij vond het prima en hij stelde voor Diesel mee te nemen.
Dat is namelijk naast hardlopen iets dat we delen: hij doet het met zijn Diesel en ik wil het ooit gaan doen met mijn Fletcher…
Hardlopen met je hond, canicross, canine running, canirun.

Ik ben geen avondloper en mijn energie had er gisteren überhaupt al een mening over. En het was warm. Maar ik wilde de afspraak toch niet afzeggen. En het was daarbij de laatste training voor mijn tweede Den Helder – Maastricht estafette komend weekend….en dus een soort van full circle idee als het gaat om duoloopjes.
Ik weet niet hoe ik het moet uitleggen: ik voelde de hele avond al een stroperigheid in mijn lijf en toch een vastberadenheid.

*** ik zou een logje aparte kunnen dichten over het hoofdstuk “Fletcher ontmoet een andere hond in haar huis: Diesel kwam binnen.”***

We gingen op pad.
Hij met Diesel aan de buikriem.

Ik merkte dat ik moe was, maar lopen was fijn.
Babbelen was fijn.
En ik snoof op hoe het is te lopen met een hondje.
Hondje duikt af en toe een plas in.
Om te drinken, of te koelen, of gewoon, omdat het lekker is.
En het hondje moet ook wel eens plassen.
Interval Aparte!

Op bijna 10 km (rondje ken ik op mijn duimpje),
kreeg ik Diesel van hem. Mijn god, wat vond ik het eng!
Maar Diesel vond het prima.

Toen we startten aan het rondje wist ik al dat we de tweede helft windje tegen zouden hebben.
Ik ken mijn rondje.
Ik was moe, maar precies toen kreeg ik Diesel.
Met Diesel heb je nooit windje tegen, weet ik nu.
Met Diesel lopen, speel je een beetje vals.
Diesel trekt je prettig vooruit. Niet onderuit, no way, maar prettig vooruit…

En aan het eind van het rondje had ik meer energie dan toen ik begon. Zo werkt het met ziek zijn.

Image Hosted by ImageShack.us

Alleen lopen blijf ik doen.
Maar zodra Fletcher een jaar oud is, loop ik geheid een stuk minder alleen.